Niet parkeren vs. niet stilstaan. Weet jij het verschil?
Veel automobilisten raken in de war wanneer ze verkeersborden zien met de teksten “niet parkeren” en “niet stilstaan”. Hoewel ze op het eerste gezicht misschien hetzelfde lijken, hebben deze borden een duidelijk verschillend doel. Begrijpen wat niet parkeren precies betekent en wanneer je wél even stil mag staan, is essentieel om boetes te voorkomen en veilig de weg op te gaan.
In dit artikel leggen we het verschil stap voor stap uit, zodat jij voortaan zeker weet wat mag en wat niet.
Parkeren versus Stilstaan: De Regels Op Een Rij
Om dit te begrijpen moeten we een aantal begrippen kennen. Parkeren wil zeggen dat je ergens een langere tijd staat; je parkeert de auto bijvoorbeeld als jij boodschappen gaat doen, of op visite gaat bij je schoonmoeder. Bij een bord met niet parkeren mag je dit dus niet doen. Sta jij een korte periode stil en ben je van plan om gelijk weer weg te rijden? Dan praten we over stilstaan. Onder stilstaan vallen 2 activiteiten: laden en lossen en in- en uitstappen.
Wat betekenen de borden ‘parkeerverbod’ en ‘verbod om stil te staan’?
Het eerste verkeersbord betekent parkeerverbod. Dit ronde bord geeft met de enkele rode streep aan dat daar niet geparkeerd mag worden. Dat wil dus zeggen dat je daar een langere tijd niet mag zijn. Omdat alleen een langere tijd verboden wordt, is stilstaan nog wel toegestaan. Hier mag je dus niet parkeren, maar wel stilstaan.
Het tweede bord betekent het verbod om stil te staan. Dit bord verbiedt dus dat je hier een korte tijd mag zijn! Maar omdat je hier een korte tijd zelfs niet mag zijn, is een lange tijd automatisch ook verboden. Je mag hier dus niet stilstaan en dus automatisch ook niet parkeren.
De borden staan aan de kant van de weg waar ze gelden. Staat het bord links? Dan mag je links langs de stoep niet stilstaan en/of parkeren. Staat het bord rechts? Dan mag daar rechts niet.
Stilstaan en niet parkeren: wat mag wel en wat niet?
Bij stilstaan en parkeren gelden duidelijke regels om het verkeer veilig en vlot te houden.
Plekken waar niet parkeren geldt
Er zijn specifieke locaties waar je niet mag parkeren om ervoor te zorgen dat het verkeer veilig blijft doorstromen en dat voetgangers en fietsers beschermd worden.
Op kruispunten en spoorwegovergangen
Op fietsstroken of direct naast een fietsstrook
Op oversteekplaatsen of binnen 5 meter daarvan
Langs een bushalte (behalve kort om passagiers in- of uit te laten stappen)
Langs een onderbroken of doorgetrokken gele of blauwe streep
Op plekken bestemd voor andere weggebruikers, zoals trottoirs of fietspaden
Door in deze gebieden niet te parkeren, help je ongelukken te voorkomen, houd je de weg vrij en blijf je binnen de verkeersregels.
Plekken waar niet stilstaan geldt
Er zijn verschillende plekken waar niet stilstaan geldt om het verkeer veilig en vlot te houden.
Op kruispunten en spoorwegovergangen
Op fietsstroken of direct naast een fietsstrook
Op oversteekplaatsen of binnen 5 meter daarvan
In tunnels
Langs een bushalte, inclusief de blokmarkering of binnen 12 meter van het bord
Op bus-stroken of op de rijbaan naast een bus-strook of tramrail
Langs een doorgetrokken gele streep
Door hier niet stil te staan, voorkom je gevaarlijke situaties, hinder voor andere weggebruikers en boetes.
Conclusie
Door het verschil tussen niet parkeren en niet stilstaan goed te begrijpen, weet je precies waar je je auto mag parkeren, kort mag stoppen of helemaal niet stil mag staan. Zo blijf je binnen de verkeersregels, voorkom je boetes en draag je bij aan een veilige en vlotte doorstroming van het verkeer. Kennis van deze regels is essentieel voor elke bestuurder die veilig de weg op wil gaan.
Wil je echt zeker weten dat je alles begrijpt en klaar bent voor je theorie? Volg dan onze cursus auto-, scooter- of motortheorie en leer alles stap voor stap, zodat je vol vertrouwen de weg op kan!